Grijpreflex, wat is het en hoe kun het stimuleren?

· 16 mei 2018

Is het je ooit opgevallen dat je baby haast een obsessie heeft met het grijpen van alles wat binnen handbereik is? Dit wordt de grijpreflex genoemd en het is een aanwijzing dat hun zenuwstelsel goed werkt.

Al in de eerste levensweek zal je baby zijn handje sluiten om alles wat in de buurt komt van zijn handpalm of zijn handje raakt te pakken. Dit is de grijpreflex. Het is aanvankelijk een reflex, een onvrijwillige beweging. Maar uiteindelijk zal het een gecontroleerde beweging worden.

Weinig dingen vervullen ons met zoveel tederheid als het aanraken van de zachte handjes van een baby. Maar het is nog aandoenlijker wanneer ze alles binnen hun bereik is beginnen te pakken. Dit is hun allereerste interactie met hun omgeving. Het mikpunt van dit grijpen kunnen hun eigen vingertjes, een licht speeltje of jouw haar zijn.

Wanneer ze je haar pakken, voel je de ware kracht en stevigheid van de grip die wordt veroorzaakt door de grijpreflex. Het is zelfs zo dat je ze kunt optillen en op een vlakke ondergrond neer kunt zetten. Zelfs dan zullen ze nog steeds je vinger vasthouden.

Het merkwaardige van de grijpreflex is dat het niet exclusief is voor hun handjes. Je zult merken dat wanneer je over de zool van hun voetjes strijkt, ze hun teentjes zullen krullen alsof ze iets willen pakken.

Volgens deskundigen is dit een evolutionair kenmerk. Toen onze voorouders haren over hun hele lichaam hadden, gaf deze reactie de baby de mogelijkheid zijn moeder vast te houden in geval van gevaar.

Grijpreflex

Kenmerken van de grijpreflex

Een aantal kenmerken van de grijpreflex:

  • Zoals alle reflexen is het een onvrijwillige beweging als reactie op een stimulus. Deze reactie doet zich voor bij de handjes en de voetjes.
  • Je ziet het in de eerste en tweede levensmaand van een baby.
  • Het is een signaal dat aangeeft dat hun zenuwstelsel goed functioneert.
  • In de derde maand begint de greep te verzwakken, maar zullen ze zich beter bewegen en meer controle hebben over hun bewegingen.
  • Vanaf de vierde maand zijn hun zintuigen veel meer ontwikkeld en worden hun bewegingen opzettelijk en gericht, hoewel ze nog steeds geen afstanden kunnen inschatten. Vanaf dat moment zal hun coördinatie zich blijven ontwikkelen. Ze zullen in staat zijn om met beide handen op een gewenst object te focussen.
  • De voetzoolreflex blijft iets langer (tussen 3 – 6 maanden).

Hoe kun je de grijpreflex stimuleren?

Om deze reflex te stimuleren, zijn er enkele zeer eenvoudige activiteiten die je dagelijks kunt doen. De eenvoudigste (en zeker niet de minst effectieve) is je vinger in de palm van het handje van je baby te leggen en hem deze vast te laten pakken.

Ondertussen kan de grijpreflex van het voetje op een vergelijkbare manier worden gestimuleerd. Leg je vinger of een potlood tegen de onderkant van zijn voetjes en kijk naar zijn teentjes. Als hij zijn teentjes krult, alsof ze je vinger willen pakken, dan kijk je dus naar de klassieke grijpfreflex van zijn voetjes.

Het is ook mogelijk om zo vroege stimulatie te bieden om grotere mobiliteit en nieuwe gewaarwordingen voor je baby te bevorderen.

Het bewegen van hun armpjes en beentjes. Het oefenen en het gebruik van hun zintuigen. Ontspanningsoefeningen… het helpt allemaal om baby’s meer bewust te maken van hun lichaam. Hierdoor kunnen ze wennen aan nieuwe bewegingen.

“Om bewegingen van je baby te stimuleren, zijn er heel eenvoudige activiteiten die je elke dag kunt oefenen.”

Andere geweldige hulpmiddelen voor deze fase zijn muziek en kleurrijk speelgoed met lichtjes, omdat hun zintuigen en gezichtsvermogen net beginnen te ontwaken.

Hoe kun je de grijpreflex stimuleren?

Andere reflexen die je ziet bij baby’s

Naast de grijpreflex zijn er andere reflexen die je baby heeft in de eerste maanden van zijn leven. Hier noemen we er een paar:

  • Moro-reflex: je kunt het direct na de geboorte zien. Het bestaat uit het teweegbrengen van een schrikbeweging bij de baby. Het wordt opgewekt door voorzichtig zijn hoofdje even los te laten (zonder het kussen waarop hij ligt te laten raken).
  • Zuigreflex: dit is te zien wanneer je de mond van de baby aanraakt.
  • Loopreflex: Je ziet dat een baby probeert te lopen als zijn voetjes een hard oppervlak raken.
  • Galant-reflex: wanneer je baby op zijn buikje ligt, zal het aaien of tikken aan een kant van de ruggengraat ervoor zorgen dat de baby zich in de richting van de aanraking draait.

Andere reflexen blijven bestaan tot de volwassenheid. Denk bijvoorbeeld aan niezen, hoesten, overgeven en knipperen met de ogen.